Multimodaal transport: Bedrijven versterken logistieke ketens in West-Vlaanderen

Experts en bedrijven bundelen krachten in Izegem om de veerkracht en efficiëntie van logistieke ketens te verhogen via diverse vervoersvormen.

Generieke afbeelding van een multimodale logistieke hub in Vlaanderen met vrachtwagens, treinen en schepen.
AI

Generieke afbeelding van een multimodale logistieke hub in Vlaanderen met vrachtwagens, treinen en schepen.

In Izegem kwamen op 29 september bedrijven, logistieke spelers en experts samen voor 'West-Vlaanderen Maximaal Multimodaal'. De boodschap: een combinatie van vervoersvormen helpt logistiek efficiënter te organiseren en de afhankelijkheid van één route te verminderen.

Professor Christa Sys van de Universiteit Antwerpen benadrukte het belang van veerkracht in toeleveringsketens, gezien geopolitieke spanningen, data- en cyberrisico's. Ze adviseerde bedrijven om hun afhankelijkheid van leveranciers, grondstoffen en transportroutes in kaart te brengen en alternatieven uit te werken. Multimodaal transport wordt zo strategisch ingezet om risico's te beheersen en sneller te schakelen bij verstoringen.
Wouter Desplenter, algemeen directeur van maatwerkbedrijf Oesterbank uit Oostende, belichtte hoe lokale samenwerking zekerheid biedt binnen internationale ketens. Oesterbank fungeert als externe werkplaats voor klanten, met productie en logistiek afgestemd op hun processen. Korte series en een eigen transportvloot zorgen voor flexibiliteit, met leveringen binnen twee uur na afroep. Desplenter stelde dat samenwerken met een maatwerkbedrijf strategisch ondernemen is dat betrouwbare toelevering koppelt aan lokale tewerkstelling.
Linum Group, Grandeco Wallfashion Group en TVH deelden hun ervaringen met multimodaal transport. Yarreth Plysier (Linum Group), Willem Duran (Grandeco Wallfashion Group) en Christophe Decaluwe (TVH) gaven aan dat bedrijfsstrategie, kostenbesparing en operationele voordelen de drijfveren waren. Naast CO₂-reductie stonden efficiëntere processen, flexibiliteit en samenwerking met lokale partners centraal. Vragen over de kosten van overslag en de keuze van partners werden aangemoedigd om met experts in gesprek te gaan.
In een panelgesprek met Jan D’Haeyer (Netwerk De Vlaamse Waterweg), Rudi Loontiens (Infrabel), Johan Staes (Transport & Logistiek Vlaanderen) en Catrien Scheers (Fastlines) werd de complementariteit van binnenvaart, spoor, wegtransport en shortsea benadrukt. De vrachtwagen behoudt een belangrijke plaats in een multimodale keten, afhankelijk van de goederenstroom en klantbehoeften. De panelleden wezen op de noodzaak van overheidssteun voor infrastructuurinvesteringen, stabiele regelgeving en aandacht voor automatisering om het chauffeurstekort op te vangen.
Jean de Bethune, voorzitter van POM West-Vlaanderen, benadrukte het belang van Europese steun voor een samenhangend transportnetwerk in de provincie. Hij wees op de investeringen in binnenvaartterminals (Wielsbeke, Roeselare) en overslagcentra (Veurne, Diksmuide), alsook de spoorterminal LAR en de luchthaven Kortrijk-Wevelgem. De samenwerking met Multimodaal.Vlaanderen versterkt deze aanpak, met aandacht voor innovatie zoals dronetoepassingen en Physical Internet, en open toegang tot logistieke infrastructuur.
Informatie opgesteld op basis van de officiële bron: POM West-Vlaanderen — Nieuws (02/10/2026)